Fysieke belasting in de zorg ontstaat vooral door tillen, draaien, bukken en langdurig staan. Klachten aan rug, knieën en schouders voorkom je door hulpmiddelen te gebruiken, bewust te tillen, zware en lichtere diensten af te wisselen en voldoende hersteltijd in te bouwen tussen je diensten door.
Wie in de zorg werkt, vraagt dagelijks veel van het eigen lichaam. Een cliënt helpen bij het opstaan, een bed verrijden, een steunkous aantrekken of urenlang op harde vloeren lopen: het lijkt allemaal vanzelfsprekend, maar samen vormen die handelingen een flinke belasting van het bewegingsapparaat.
Klachten aan spieren en gewrichten horen dan ook bij de meest gehoorde klachten onder zorgprofessionals. Het goede nieuws is dat een groot deel ervan te voorkomen is, mits je op tijd ingrijpt en je manier van werken aanpast aan wat je lichaam aankan.
Waar de belasting precies vandaan komt
De zwaarste momenten in een zorgdienst zijn vaak kort. Een transfer van bed naar stoel, een cliënt die dreigt te vallen en die je opvangt, of even snel iets oppakken terwijl je al gedraaid staat. Juist die piekmomenten zorgen voor de meeste schade, omdat je rug of schouder dan in een ongunstige houding een grote kracht moet leveren.
Daarnaast speelt de duur mee. Langdurig staan, veel bukken bij lage bedden en de vele kilometers die je per dienst aflegt, zorgen voor een constante lage belasting waar je lichaam nauwelijks van herstelt als de diensten elkaar snel opvolgen.
Klachten die vaak terugkomen
Bij zorgmedewerkers zie je een aantal orthopedische klachten regelmatig terugkomen:
- lage rugklachten door tillen in combinatie met draaien;
- knieklachten door veel knielen, hurken en traplopen;
- schouder- en nekklachten door bovenhands werken, duwen en trekken;
- pols- en elleboogklachten door steeds herhaalde handelingen;
- voet- en hielklachten door lange diensten op harde vloeren.
Blijven klachten langer dan een paar weken aanhouden, straalt de pijn uit naar een arm of been, of verlies je kracht? Laat dat dan beoordelen door je huisarts of een fysiotherapeut. Hoe eerder je erbij bent, hoe kleiner de kans dat een klacht chronisch wordt.
Zo verklein je de kans op klachten
Veel winst zit in kleine gewoontes. Gebruik de tillift of het glijzeil ook als het ‘even snel’ anders kan, zet het bed op werkhoogte voordat je begint, en til met je benen in plaats van met je rug. Draai je hele lichaam mee in plaats van alleen je romp.
Daarnaast helpt het om buiten het werk te investeren in kracht en mobiliteit. Sterke bil-, buik- en rugspieren beschermen je wervelkolom, en goed schoeisel met voldoende demping maakt lange diensten merkbaar lichter. Wissel tijdens je dienst ook bewust van houding: sta niet de hele overdracht in dezelfde positie.
Afwisseling en herstel: de rol van flexibel werken
Herstel is minstens zo belangrijk als techniek. Wie drie zware diensten achter elkaar draait en daarna meteen weer instapt, geeft gewrichten en pezen geen kans om te herstellen. Meer regie over je eigen rooster betekent daarom ook meer regie over je fysieke belasting.
Steeds meer zorgprofessionals kiezen daarom voor een flexibele werkvorm. Als uitzendmedewerker in de zorg bepaal je zelf welke diensten je aanneemt en kun je zware en lichtere werkdagen bewust afwisselen, terwijl je wel de zekerheid van een werkgever houdt. Wie wil zien welke mogelijkheden er zijn, vindt een breed aanbod aan vacatures in de zorg.
Terug aan het werk na een blessure of operatie
Na een hernia, een knieoperatie of een schouderingreep is de verleiding groot om te snel weer volledig in te stappen. Toch is gefaseerd opbouwen vrijwel altijd verstandiger: begin met korte diensten, bouw het aantal uren stap voor stap op en stem dat af met je behandelaar.
In die periode kan het helpen om tijdelijk werk te kiezen met een ander belastingsprofiel. Een functie als verzorgende IG of werken in de thuiszorg vraagt een andere combinatie van tillen, lopen en reizen dan een afdeling met veel zware transfers. Door daar bewust in te sturen, houd je je herstel op gang zonder helemaal stil te vallen.
Werk dat je jaren volhoudt
Gezond blijven in de zorg draait niet om harder doorbijten, maar om slimmer werken. Hulpmiddelen gebruiken, klachten vroeg melden, afwisseling zoeken in je diensten en voldoende herstel inbouwen leveren op de lange termijn meer op dan één dienst waarin je jezelf voorbijloopt.
Je lichaam is je belangrijkste gereedschap in dit vak. Wie daar net zo zorgvuldig mee omgaat als met de mensen voor wie hij zorgt, houdt het werk niet alleen langer vol, maar blijft er ook met meer plezier in staan.






Leave a Reply